Whatsapp Facebook LinkedIn RSS feed

Niet iedere sport vraagt om dezelfde verlichting

ARTIKEL
Facebook Linkedin Whatsapp
Johan Koning, zondag 27 september 2026
142 sec


Waarom een goed lichtplan begint bij de sport en niet bij de armatuur

Niet iedere sport vraagt om dezelfde verlichting. Een padelspeler die een hoge lob verdedigt, kijkt regelmatig recht omhoog. Een voetballer op een trainingsveld doet dat veel minder. Toch krijgen beide sportaccommodaties regelmatig dezelfde benadering als het om verlichting gaat: voldoende lux, een aantal masten en klaar. Volgens LI Sports gaat daarmee een belangrijk deel van het verhaal verloren. Goede sportverlichting draait namelijk niet alleen om de hoeveelheid licht, maar vooral om de manier waarop dat licht op het speelveld terechtkomt, betoogt Joran de Witte, directeur van LI Sports.


'De vraag die we vaak krijgen is hoeveel lux een vereniging nodig heeft', zegt hij. 'Dat is begrijpelijk, want normen schrijven een bepaald lichtniveau voor. Maar uiteindelijk bepaalt niet alleen de hoeveelheid licht of spelers de verlichting als prettig ervaren.' Volgens De Witte vormt gelijkmatigheid een van de belangrijkste onderdelen van een goed lichtontwerp. Een speelveld met een iets lager gemiddeld lichtniveau, maar zonder grote verschillen tussen lichte en donkere plekken, speelt vaak prettiger dan een veld met veel hogere pieken en dalen.

Joran de Witte
Juist die gelijkmatige verdeling helpt sporters om afstanden, snelheid en balbewegingen goed in te schatten. Wie uitsluitend stuurt op een zo hoog mogelijk aantal lux, loopt het risico dat delen van het veld juist onprettig aanvoelen. 'Een hoger gemiddeld lichtniveau is lang niet altijd beter. Je kunt vaak beter kiezen voor een iets lager niveau met een goede gelijkmatigheid. Dat bepaalt uiteindelijk hoe spelers de verlichting ervaren.'

Iedere sport stelt andere eisen

Naast gelijkmatigheid speelt ook de sport zelf een belangrijke rol. Een voetbalveld vraagt om een andere lichtverdeling dan een tennis- of padelbaan. Dat heeft alles te maken met de afmetingen van het speelveld, de masthoogte en de manier waarop sporters naar de bal kijken. Bij padel staan relatief lage masten dicht langs de baan. Daardoor bevinden de armaturen zich vaker op ooghoogte en neemt de kans op verblinding toe. Juist daar vraagt het lichtontwerp extra aandacht. Op een voetbalveld ligt de uitdaging juist in het gelijkmatig verlichten van een veel groter oppervlak. Tennis vormt weer een eigen categorie, doordat spelers regelmatig omhoog kijken bij hoge ballen en een relatief compacte baan om een brede lichtverdeling vraagt. Volgens De Witte bestaat er daarom geen standaardoplossing die voor elke sport werkt. 'Het lichtplan moet aansluiten op de sport. Pas daarna kijk je welke techniek daarbij past.'


Het licht sturen

LI Sports kiest daarbij voor een andere benadering dan veel traditionele systemen. In plaats van voor iedere toepassing een andere armatuur te ontwikkelen, maakt het bedrijf ook gebruik van verstelbare reflectoren. Daarmee kan dezelfde armatuur een brede of juist een verder reikende lichtbundel produceren, afhankelijk van de sport en de locatie. Die flexibiliteit biedt volgens De Witte verschillende voordelen. Niet alleen ontstaat per sport een beter passend lichtbeeld, ook hoeft niet automatisch meer vermogen te worden ingezet om aan de gewenste prestaties te voldoen. Door het licht nauwkeurig te sturen, komt het terecht waar spelers het nodig hebben. Dit levert nog een tweede voordeel op. Licht dat buiten het speelveld terechtkomt, draagt niets bij aan het spel, maar veroorzaakt wel lichthinder voor de omgeving. Een gerichte lichtverdeling helpt daarom niet alleen de sporter, maar beperkt ook de uitstraling naar de directe omgeving.


Bovendien levert een efficiënt systeem serieuze besparingsvoordelen op. Zo claimt het bedrijf dat door haar lichtoplossingen en ontwerpen gemiddeld 15 tot 25% minder energie wordt verbruikt. 'Dit zit hem in een aantal belangrijke eigenschappen. Het kiezen van een van de meest efficiënte leds en drivers in de markt, weinig rendementsverliezen in de armatuur zelf en vrijwel geen verspilling aan strooilicht. Dit zorgt voor een gemiddelde extra energiebesparing van circa 400 à 500 euro, maar kan bij nieuwe aanleg ook in de kabelkosten schelen. En dat voor dezelfde hoeveelheid licht!', aldus De Witte.

Verder kijken dan de norm

De Witte merkt dat veel opdrachtgevers zich vooral richten op normen, aanschafprijs en vermogen. Begrijpelijk, vindt hij, maar daarmee blijft een belangrijk deel van de afweging buiten beeld. De kwaliteit van sportverlichting laat zich niet uitsluitend uitdrukken in een aantal lux. 'Bestuurders hoeven geen lichtspecialist te worden. Maar het helpt wel als ze begrijpen welke keuzes er achter een lichtontwerp zitten. Dan kijk je niet alleen naar de investering van vandaag, maar ook naar de kwaliteit waarmee sporters de komende jaren gebruikmaken van hun accommodatie.'


LI sports
LOGIN   met je e-mailadres om te reageren.

REACTIES
Er zijn nog geen reacties.

tip de redactie

Meld je aan voor onze digitale nieuwsbrief.
AGENDA
Klankbordsessies moeten bijdragen aan uniform aanbesteden van duurzame kunstgrasvelden
woensdag 23 september 2026
t/m dinsdag 29 september 2026
Expertdag Duurzaam Gras 2026
dinsdag 6 oktober 2026
Dagcursus kunstgras van Gerrit de Koe
donderdag 12 november 2026
t/m donderdag 26 november 2026

ONDERDELEN
Archief
Dossiers
Green Industry Profile
Webshop
OVER ONS
Over ons
Duurzaamheid & NWST
Contact
Het team
ADVERTEREN EN ABONNEREN
Fysiek abonnement
Digitaal abonnement
Abonneren nieuwsbrief
Adverteren
Verschijningsdata
MEER
Webshop
Redactionele spelregels
Algemene voorwaarden
Disclaimer
Privacy
Cookies
ONDERDELEN
OVER ONS
ADVERTEREN EN ABONNEREN
MEER